Diabetes: tegemoetkoming in de kosten voor de begeleiding van kinderen en adolescenten in een gespecialiseerd centrum

Als ouder van een kind of adolescent met diabetes kunt u uw kind of adolescent een programma laten volgen dat werd uitgewerkt door een gespecialiseerd centrum.
Het programma moet aan uw kind/adolescent toelaten – met uw medewerking – om zelfregulatie te verkrijgen van zijn/haar diabetes.

De ziekteverzekering (verzekering voor geneeskundige verzorging) kan financieel tegemoetkomen in dit programma.

Vanaf 1 augustus 2016  betaalt het ziekenfonds uw kind met type 1-diabetici, het materiaal terug om de bloedsuikerspiegel te meten door een sensor op de huid.


Komt uw kind of adolescent in aanmerking voor deze begeleiding?

Om in aanmerking te komen voor begeleiding in een gespecialiseerd centrum, moet uw kind/adolescent aan een aantal voorwaarden voldoen.

Uw kind/adolescent lijdt aan:

  • diabetes (type 1 of type 2)
  • hyperinsulinisme waardoor zich hypoglycemieën voordoen
  • organische hypoglycemieën (tengevolge van bv. nesidioblastose of insulinoom)

Uw kind/adolescent mag in principe maximum 18 jaar zijn.

Als uw kind/adolescent al vóór dat hij/zij 18 jaar was in het centum begeleid werd, mag hij/zij nog in het centrum begeleid worden tot hij/zij 20 jaar is.

Vanaf 1 augustus 2016 kunnen patiënten die 20 jaar of ouder zijn niet meer in een gespecialiseerd centrum voor diabetische kinderen of adolescenten behandeld worden. Als uw kind/adolescent 20 jaar of ouder is en momenteel nog in een gespecialiseerd centrum voor kinderen begeleid wordt, kan de begeleiding nog verdergezet worden tot aan de einddatum van de periode die het ziekenfonds eerder al voor hem/haar heeft toegestaan.  Nadien kan uw kind/adolescent verder begeleid worden en het materiaal voor de metingen bekomen in een gespecialiseerd diabetescentrum voor volwassenen en, als uw kind/adolescent dit gebruikt, in een gespecialiseerd centrum van diabetische patiënten met een draagbare insulinepomp. In veel ziekenhuizen bestaan deze centra.

Uw kind/adolescent mag een ‘ambulante’ patiënt zijn (niet opgenomen in het ziekenhuis) of een gehospitaliseerde patiënt.

Wat bieden deze gespecialiseerde centra uw kind of adolescent met diabetes aan?

De centra bieden een multidisciplinair zorgprogramma aan dat bestaat uit verschillende luiken:

  • continue begeleiding van u en uw kind of adolescent bij de zelfregulatie van zijn/haar diabetes en eventueel bij het uitvoeren van een behandeling met continue insuline-infusie door middel van een draagbare insulinepomp
  • sociale en emotionele begeleiding van u en uw kind in verband met de diabetes
  • geven van de nodige voorlichting aan de leerkrachten en de directie van de door uw kind bezochte school in verband met het vaststellen, voorkomen en behandelen van acute complicaties van diabetes. De leerkrachten en de directie zullen bovendien ook worden geïnformeerd en begeleid om de problemen van hun leerling(e) – eigen aan de aandoening – op onder meer sociaal en psychologisch vlak, te onderkennen, te begrijpen en ze zo deskundig mogelijk op te vangen
  • ter beschikking stellen van het materiaal dat noodzakelijk is voor de zelfcontrole van glycemie, glucosurie en ketonurie
  • instellen van een telefonische permanentie om uw oproepen te beantwoorden, zelfs buiten de uren van raadpleging
  • uitwerking – samen met u, uw kind of adolescent en de behandelend geneesheer – van een netwerk voor dringende hulp dat bij een spoedgeval maximale diabetologische deskundigheid moet waarborgen.

     

Op welk materiaal heeft uw kind of adolescent recht? 

Vroeger had uw kind/adolescent  alleen recht op het materiaal voor de metingen van de glycemie (bloedsuikerspiegel) met de vingerpriktest:

  • een lancethouder
  • 1 lancet per dag zelfcontrole
  • teststrookjes voor het bepalen van de glycemie
  • teststrookjes voor het bepalen van de glucosurie en voor de opsporing van aceton
  • een gebruiksklaar glycemie-afleestoestel van een type dat beantwoordt aan de noden van uw kind of adolescent en waarvan de betrouwbaarheid door het diabetesteam werd geverifieerd.

Vanaf 1 augustus 2016 kan uw kind/adolescent in de centra ook het materiaal verkrijgen voor de metingen via ‘sensor-meting’. Daarbij wordt er een sensor aangebracht op de huid; die sensor meet regelmatig de suikerspiegel. Met een afleestoestel kan u de resultaten scannnen en downloaden op een computer.
Voor deze meettechniek bezorgt het centrum u:

  • sensors
  • een afleestoestel

Uw kind/adolescent krijgt van het centrum ook het materiaal (teststrookjes) om de glucosurie en de ketonurie te bepalen.

Als uw kind/adolescent een insulinepomp nodig heeft, krijgt hij van het centrum ook het volgend materiaal:

  • een gebruiksklare draagbare insulinepomp
  • de benodigde batterijen
  • het draagbaar materiaal
  •  alle nodige wegwerpaccessoires


Hoeveel materiaal kan uw kind of adolescent krijgen?

Als uw kind/adolescent zijn glycemie bepaalt door de vingerpriktest, ontvangt hij zoveel strookjes en lancetten als nodig om het aantal metingen uit te voeren dat de arts voorschrijft. Gemiddeld zijn dat 155 metingen per maand.

Als uw kind/adolescent sensor-meting gebruikt, moet de sensor regelmatig vervangen worden. Hij/zij krijgt dan zoveel sensors als nodig om continu zijn/haar glycemie te kunnen bepalen (rekening gehouden met de normale houdbaarheidsperiode van één sensor). In dat geval, ontvangt hij/zij ook een beperkt aantal materiaal om - als dat nodig is - de vingerpriktest te gebruiken.

Wat moet het gespecialiseerd centrum doen om uw kind of adolescent te kunnen begeleiden?

Het centrum moet:

  • nagaan of uw kind of adolescent beantwoordt aan de voorwaarden om  een tegemoetkoming van uw ziekenfonds te kunnen krijgen
  • het aanvraagformulier voor de verzekeringstegemoetkoming invullen met betrekking tot deze begeleiding. Het centrum voegt een medisch verslag toe. U of uw kind moet het aanvraagformulier ondertekenen.
  • het aanvraagformulier naar uw ziekenfonds sturen.

Als uw ziekenfonds akkoord gaat, dan kan het centrum de begeleiding van uw kind of adolescent op zich nemen.

Wat betaalt u voor de begeleiding van uw kind of adolescent?

Voor de raadplegingen bij de arts van het centrum betaalt u uw persoonlijk aandeel (remgeld).

Voor de begeleiding door de andere teamleden (verpleegkundigen, diëtisten, maatschappelijk werkers, psychologen) betaalt u niets.

Uw ziekenfonds betaalt het materiaal voor de vingerpriktest voor alle patiënten volledig terug en ook het materiaal voor sensor-meting voor patiënten met diabetes type 1(andere patiënten betalen hiervoor een supplement).

Indien u méér materiaal wil (strookjes, lancetten, sensors) dan dat de arts voorschrijft, kan u het bijkomende materiaal aankopen in de centra.

Als u sensors verliest of als u het afleestoestel voor de sensor-meting voortijdig verliest of het (door fout gebruik) stuk maakt, zal u de kosten van de bijkomende sensoren of een nieuw afleestoestel moeten betalen.

Voor kinderen jonger dan 18 jaar hebt u ook recht op een tegemoetkoming in de reiskosten tussen uw woonplaats en het centrum.

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 22 november 2017