Publié le 06/05/2019
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten

Art. 2.


TITEL I - UITKERINGSVERZEKERING

HOOFDSTUK I - DE GERECHTIGDEN

Afdeling I - Bepaling
Art. 3.
01/05/2003 Zijn gerechtigd op de door dit besluit ingestelde verzekering:
01/05/2003 de zelfstandigen onderworpen aan het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967, met uitzondering van:
01/06/2019 a) de onderworpenen beoogd in artikel 13 van bedoeld koninklijk besluit, tenzij het bedrag van de sociale bijdragen betaald door de onderworpenen bedoeld in artikel 3, § 1, tweede lid, van bedoeld koninklijk besluit is gebaseerd op een inkomen dat minstens het minimumbedrag bereikt bedoeld in, al naargelang het geval, artikel 12, § 1, tweede lid, of artikel 12, § 1ter, eerste lid, van bedoeld koninklijk besluit;
01/05/2003 b) de onderworpenen die, krachtens artikel 12, § 2 van bedoeld koninklijk besluit, niet bijdrageplichtig zijn of slechts een verminderde bijdrage verschuldigd zijn;
01/01/2017 b/1) de onderworpenen, die krachtens artikel 12bis, § 1 van bedoeld koninklijk besluit, niet bijdrageplichtig zijn of slechts een verminderde bijdrage verschuldigd zijn;
01/01/2017 c) de personen, bedoeld in artikel 37, § 1, eerste lid, a) ..., van het koninklijk besluit van 19 december 1967 houdende algemeen reglement ter uitvoering van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, die gebruik maken van de mogelijkheid die hun door die bepaling geboden wordt;
20/08/2018 de personen bedoeld in artikel 32, eerste lid, 6°bis en 11°quater, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994;
01/05/2003 de personen in staat van arbeidsongeschiktheid in de zin van dit besluit;
01/05/2003 de meewerkende echtgenoten beoogd in artikel 7bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967.
01/01/2017 De zelfstandige beoogd in 1° of de meewerkende echtgenoot beoogd in 4° die zijn beroepsactiviteit onderbreekt en die geen enkele sociale bijdrage verschuldigd is overeenkomstig de voorwaarden vastgesteld in artikel 50, § 2, van het koninklijk besluit van 19 december 1967 houdende algemeen reglement in uitvoering van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967.
01/01/2017 De zelfstandige beoogd in 1° of de meewerkende echtgenoot beoogd in 4° die het behoud van de sociale rechten in het kader van het overbruggingsrecht geniet, bedoeld in artikel 3, 2°, van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen.


Afdeling II - Het bewijs van de hoedanigheid van gerechtigde

Art. 4.

FR   NL   [Affichage pour impression]