d'application à partir du 01/12/1997
   

FR   NL  

Verordening van 16 april 1997 tot uitvoering van artikel 80, § 1, 5° van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994

Art. 33.


Art. 34.
01/12/1997
  -29/12/2016
§ 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 103 van de gecoördineerde wet wordt voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid een vergoeding wegens verbreking van een arbeidsovereenkomst geniet, het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen op de dag van het ontslag.
01/12/1997
  -29/12/2016
§ 2. Voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid een vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst geniet en tevens hetzij verbonden is door een arbeids- of een leerovereenkomst hetzij onder gelijkaardige voorwaarden arbeidt, wordt de uitkering wegens arbeidsongeschiktheid berekend op grond van het in één van de artikelen 23 tot 27 bedoelde loon met betrekking tot die laatste tewerkstelling.
01/12/1997
  -29/12/2016
Bij het verstrijken van het tijdvak dat is gedekt door de vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst mag dat loon evenwel niet kleiner zijn dan het in § 1 bedoelde loon.
01/12/1997
  -29/12/2016
§ 3. Voor de gerechtigde in volledig gecontroleerde werkloosheid, die zich bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid bevindt in het theoretische tijdvak, gedekt door de vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst, zoals deze werd vastgesteld in de aanvraag tot vergoeding, ingediend bij het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers, wordt het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen op de dag van het ontslag.

Art. 35.

FR   NL   [Affichage pour impression]