d'application Ó partir du 10/08/1996
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, geco÷rdineerd op 14 juli 1994.

Art. 212.


Art. 213.
10/08/1996 De hoegrootheid van de invaliditeitsuitkering wordt vastgesteld op 65 pct. van het in artikel 87, eerste lid, van de geco÷rdineerde wet bedoelde gederfde loon. Voor de gerechtigden, wier arbeidsongeschiktheid is ingegaan vˇˇr 1 januari 1975, wordt dit loon verhoogd met een bedrag van 29,42 frank, gekoppeld aan het indexcijfer 114,20. Voor de gerechtigde wier arbeidsongeschiktheid van 1 januari 1975 af en uiterlijk op 31 december 1976 is ingegaan, wordt dit loon verhoogd met een bedrag van 15,13 frank gekoppeld aan het indexcijfer 114,20.
10/08/1996
  -31/12/2002
Voor de gerechtigden die niet worden beschouwd als werknemers met persoon ten laste, wordt deze hoegrootheid herleid tot 45 of 40 pct. van hetzelfde loon, naargelang het al dan niet in artikel 226 bedoelde gerechtigden betreft.
P 10/08/1996
  -31/12/2001
Het maximumbedrag van de invaliditeitsuitkering wordt vastgesteld op 1.681,61 frank voor de gerechtigde die wordt beschouwd als werknemer met persoon ten laste, en op 1.121,07 frank voor de gerechtigde die niet wordt beschouwd als werknemer met persoon ten laste. Voor de toepassing van artikel 237 worden deze bedragen gekoppeld aan het indexcijfer 181,41.
P 10/08/1996
  -31/12/2001
Voor de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid vˇˇr 1 oktober 1974 is aangevangen, wordt het maximumbedrag van de invaliditeitsuitkering vanaf 1 juli 1984 vastgesteld op 1.150,63 frank voor de gerechtigde die wordt beschouwd als werknemer met persoon ten laste en op 770,04 frank voor de gerechtigde die niet wordt beschouwd als werknemer met persoon ten laste. Voor de toepassing van artikel 237 worden deze bedragen gekoppeld aan het indexcijfer 181,41. Voor de gerechtigden wier arbeidsongeschiktheid ten vroegste op 1 januari 1974 en ten laatste op 30 september 1974 is aangevangen en wier ongeschiktheid op 1 juli 1984 nog altijd aanhoudt, is het bedrag van het gederfde loon dat in aanmerking dient te worden genomen voor de berekening van de vanaf laatstgenoemde datum te verlenen uitkering gelijk aan het bedrag van het werkelijk loon over het in artikel 87 van de geco÷rdineerde wet bedoelde refertetijdvak, zij het beperkt tot het maximumbedrag waarop de bijdragen voor de uitkeringsverzekering werden geheven. Dat maximumbedrag wordt met 10,24 pct. verhoogd vooraleer het eerste lid wordt toegepast.

Art. 214.

FR   NL   [Affichage pour impression]