d'application à partir du 01/01/2007
   

FR   NL  

Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994

Art. 120.


HOOFDSTUK II.- BIJZONDERE BEPALINGEN TER ZAKE VAN DE VERZEKERING VOOR GENEESKUNDIGE VERZORGING
Art. 121.
P 01/01/2007
  -31/12/2007
§ 1. De gerechtigden omschreven in artikel 32, eerste lid, 1° tot 16°, 20° en 22°, hebben voor henzelf en voor de personen te hunnen laste recht op prestaties bedoeld in titel III.
01/01/1998 De Koning bepaalt het of de bijdragebescheid(en) volgens welke de hoedanigheid van gerechtigde wordt vastgesteld, alsook de frekwentie volgens welke dit of deze bijdragebescheid(en) aan de verzekeringsinstelling moet(en) worden overgemaakt.
P 01/01/2007
  -31/12/2007
§ 2. De Koning bepaalt de voorwaarden waaronder de gerechtigden omschreven in artikel 32, eerste lid, 1° tot 16°, 20° en 22°, en die persoonlijke bijdragen betalen, een wachttijd zullen moeten volbrengen alvorens recht te verkrijgen op deze prestaties. Hij bepaalt de refertedatum die in aanmerking moet genomen worden voor het bepalen van het begin van de wachttijd. De duur van deze wachttijd bedraagt maximum 6 maanden.
01/01/1998 De Koning kan de gerechtigden, bedoeld in het eerste lid, evenwel vrijstellen van de wachttijd, onder de voorwaarden die Hij bepaalt.
01/01/1998 De bijdragen verschuldigd voor de sector geneeskundige verzorging moeten voor de duur van die wachttijd betaald zijn.
01/01/1998 Die bijdragen moeten een door de Koning vastgesteld minimumbedrag bereiken of, onder de door Hem bepaalde voorwaarden, met persoonlijke bijdragen worden aangevuld.
01/01/1998 De Koning bepaalt eveneens de wijze waarop het bewijs van die betalingen moet worden geleverd.


Art. 122.

FR   NL   [Affichage pour impression]