Publié le 24/03/1954
   

FR   NL  

Wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut

Art. 9.


Art. 10.
25/04/2004 § 1. Voor deze commissarissen en afgevaardigden staat beroep open bij de Minister die hen heeft voorgedragen of aangewezen.
25/04/2004 § 2. Heeft de Minister, bij wie het beroep werd ingesteld binnen een termijn van twintig vrije dagen, ingaand dezelfde dag als de in artikel 9, § 3 bedoelde termijn, de nietigverklaring niet uitgesproken, na het advies van de andere betrokken Ministers te hebben ingewonnen, dan wordt de beslissing definitief.
25/04/2004 § 3. De termijn van twintig vrije dagen wordt voor de organismen van de categorie C herleid tot acht vrije dagen, spijts elke andere termijn die in hun organieke wet of hun statuut zou zijn voorzien.
25/04/2004 § 4. Bij aan het beheersorgaan van het organisme betekende beslissing van de Minister, kan elke van de in de vorige paragraaf bepaalde termijnen met tien dagen worden verlengd.
25/04/2004 § 5. De nietigverklaring van de beslissing wordt aan het beheersorgaan betekent door de Minister die ze heeft uitgesproken.

Art. 11.

FR   NL   [Affichage pour impression]