d'application à partir du 01/04/2003
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 29 december 1997 houdende de voorwaarden waaronder de toepassing van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, tot de zelfstandigen en de leden van de kloostergemeenschappen wordt verruimd

Art. 29.


Art. 30.
P 01/04/2003
  -31/12/2007
De in artikel 12, § 2, van het voornoemd koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967, bedoelde zelfstandigen behouden slechts de in artikel 28 bedoelde verstrekkingen wanneer zij een sociale bijdrage hebben betaald die ten minste gelijk is aan de minimumbijdrage, verschuldigd bij toepassing van artikel 12, § 1, van hetzelfde koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 of, in de andere gevallen wanneer zij per kwartaal een bijdrage van 23,10 EUR betalen aan de verzekeringsinstelling waarbij ze zijn aangesloten of ingeschreven.
P 01/04/2003
  -31/12/2007
De vereiste van betaling van deze laatste bijdrage of van de minimumbijdrage die krachtens het voornoemde artikel 12, § 1, is verschuldigd, naargelang het geval, moet zijn vervuld om de verdere toekenning van het recht op verstrekkingen als bedoeld in artikel 28 te kunnen verkrijgen.
P 01/04/2003
  -31/12/2007
De betaling van de bijdragen van 23,10 EUR is evenwel niet vereist voor het kwartaal waarover de zelfstandige tevens een hoedanigheid van gerechtigde of van persoon ten laste heeft, zoals bedoeld in artikel 32, eerste lid van de voormelde gecoördineerde wet, met een daaraan gekoppeld recht op alle prestaties, bedoeld in artikel 34 van dezelfde wet, of voor het kwartaal waarover de zelfstandige de hoedanigheid van persoon ten laste heeft, zoals bedoeld in artikel 4, 11°.

Art. 31.

FR   NL   [Affichage pour impression]