Publié le 17/06/2019
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 11 juni 2019 tot vaststelling van de verdelingswijze van de administratiekosten onder de landsbonden

Artikel 1.


Art. 2.
01/07/2019 § 1. Onverminderd de toepassing van artikel 3, wordt het bedrag van de administratiekosten van de vijf landsbonden bedoeld in artikel 195, § 1, 2°, achtste lid, van de gecoördineerde wet, verdeeld over deze landsbonden naar rato van hun theoretisch ledental overeenkomstig § 2.
01/07/2019 § 2. Het theoretisch ledental wordt berekend door vooreerst de som van het aantal verzekerde gerechtigden, het aantal rechthebbenden op de maximumfactuur, en het aantal gepensioneerden vermenigvuldigd met de correctiefactor 0,35, te verminderen met het aantal invaliden. Bij dit verkregen verschil wordt vervolgens een breuk opgeteld met als teller het product van de vermenigvuldiging van het aantal invaliden met het aantal invaliden en als noemer de som van het aantal 'primaire uitkeringsgerechtigden', 'overheidspersoneel en gelijkgestelden' en 'studenten van het hoger onderwijs'.
01/07/2019 Voor de toepassing van het eerste lid wordt het aantal verzekerde gerechtigden, het aantal gepensioneerden en het aantal invaliden telkens verkregen door het gemiddelde ledental op 30 juni van de twee jaren die het betrokken dienstjaar voorafgaan, in aanmerking te nemen. Het aantal rechthebbenden op de maximumfactuur wordt verkregen door het gemiddelde aantal verzekerde gerechtigden in aanmerking te nemen die in het derde en vierde jaar die het betrokken dienstjaar voorafgaan, effectief de maximumfactuur genoten.
01/07/2019 Voor het vaststellen van het theoretisch ledental wordt het overeenkomstig de vorige leden berekend aantal gerechtigden vermenigvuldigd met:
01/07/2019 0,0790 voor de eerste 750 000 gerechtigden;
01/07/2019 0,0730 voor de tweede schijf van 750 000 gerechtigden;
01/07/2019 0,0660 voor de derde schijf van 1 000 000 gerechtigden;
01/07/2019 0,0590 voor de vierde schijf van 1 000 000 gerechtigden;
01/07/2019 0,0490 voor de vijfde schijf van 1 000 000 gerechtigden;
01/07/2019 0,0380 voor het aantal gerechtigden boven 4 500 000.

Art. 3.

FR   NL   [Affichage pour impression]