Publié le 31/01/1937
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 24 oktober 1936 houdende wijziging en samenordening van de statuten der Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden

Art. 125.


Art. 126.
01/01/2003 Wordt beroofd van het genot der vergoedingen voor primaire ongeschiktheid, invaliditeit of rust bij bevalling:
01/01/2003 tot een beloop van 75 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die de in artikel 105, eerste lid, voorgeschreven aangifte niet heeft gedaan;
01/01/2003 tot een beloop van 30 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die in staat van dronkenschap wordt aangetroffen;
01/01/2003 tot een beloop van 30 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die in het genot van vergoedingen voor primaire ongeschiktheid, die zonder voorafgaande toelating van de adviserend geneesheer ander dan licht werk verricht;
01/01/2003 tot een beloop van 30 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde met rust bij bevalling die zonder voorafgaande toelating van de adviserend geneesheer, ander dan gewoon huishoudelijk werk verenigbaar met haar algemene gezondheidstoestand verricht;
01/01/2003 tot een beloop van 30 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde in het genot van invaliditeitsverzekeringen die zonder voorafgaande toelating van de adviserend geneesheer, ander dan licht werk verricht;
01/01/2003 tot een beloop van 18 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die ontoereikende of onvolledige aangiften heeft gedaan, die de Kas op een dwaalspoor kunnen brengen;
01/01/2003 tot een beloop van 6 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die gebruik heeft gemaakt van een vervoermiddel dat hem door de adviserend geneesheer werd verboden;
01/01/2003 tot een beloop van 3 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die de Kas niet binnen zeven dagen na het vertrek uit een verplegingsinrichting heeft verwittigd;
01/01/2003 tot een beloop van 3 dagelijkse vergoedingen, de verzekerde die de Kas niet binnen de twee dagen kennis heeft gegeven van het einde van zijn werkongeschiktheid.

Art. 127.

FR   NL   [Affichage pour impression]