Art. 134.
van toepassing vanaf 01/01/2018
   

FR   NL  

Koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, geco÷rdineerd op 14 juli 1994.

Art. 133.


Art. 134.
01/01/2002 De in artikel 32, eerste lid, 15░ van de geco÷rdineerde wet bedoelde gerechtigde is een trimestriŰle bijdrage verschuldigd van 508,53 EUR.
01/01/2001 Deze bijdrage is verschuldigd voor elk kwartaal waarin de voormelde hoedanigheid bestaat en zulks vanaf het kwartaal waarin de voormelde hoedanigheid werd verworven.
01/10/2014 Het in het eerste lid bedoelde bedrag wordt verminderd tot 254,26 EUR wanneer de gerechtigde het bewijs levert dat het totaal jaarlijks bedrag van de inkomsten van zijn gezin, vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het koninklijk besluit van 15 januari 2014 betreffende de verhoogde verzekeringstegemoetkoming, bedoeld in artikel 37, ž 19, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, geco÷rdineerd op 14 juli 1994, lager is dan 25.285,14 EUR.
01/10/2014 Het zoŰven genoemde bedrag van 25.285,14 EUR, dat gekoppeld is aan het spilindexcijfer 103,14 (basis 1996 = 100), wordt aangepast aan de evolutie van de spilindex van de consumptieprijzen op dezelfde wijze als de inkomensgrenzen van de rechthebbenden op de verhoogde verzekeringstegemoetkoming, van de publieke en private sector, zoals voorzien in het voormelde koninklijk besluit ....
01/10/2014 Het in het eerste lid bedoelde bedrag wordt verminderd tot 43,11 EUR wanneer de gerechtigde het bewijs levert dat het totaal jaarlijks bedrag van de inkomsten van zijn gezin, vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het voornoemde koninklijk besluit van 15 januari 2014, lager is dan het bedrag bedoeld in artikel 21 van hetzelfde besluit.
01/10/2014 De gerechtigde, bedoeld in het voormelde artikel 32, eerste lid, 15░ is vrijgesteld van bijdragebetaling indien hij het bewijs levert dat het totaal jaarlijks bedrag van de inkomsten van zijn gezin, vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het voornoemde koninklijk besluit van 15 januari 2014, niet hoger is dan het bedrag voor een persoon die samenwoont met een gezin te zijnen laste, zoals bedoeld in artikel 14, ž 1, 3░ van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie. Dit bedrag wordt ge´ndexeerd overeenkomstig de nadere regels die van toepassing zijn in het kader van de voornoemde wet van 26 mei 2002.
01/10/2014 Het in het derde, vijfde en zesde lid bedoelde bewijs wordt geleverd door ondertekening van een verklaring op erewoord, zoals opgenomen in bijlage 2 van het voornoemde koninklijk besluit van 15 januari 2014; de juistheid van de verklaring wordt nagegaan door de Dienst voor administratieve controle, volgens de modaliteiten die deze Dienst bepaalt. De in de zoŰven genoemde leden bedoelde gerechtigden zijn ertoe gehouden binnen de dertig dagen hun verzekeringsinstelling op de hoogte te brengen van elke wijziging die een verhoging van de inkomens tot gevolg heeft, met uitzondering van een wijziging in de informatiegegevens, bedoeld bij artikel 3, eerste lid, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van het Rijksregister van de natuurlijke personen, voor zover ze die wijziging aan het bevoegde gemeentebestuur hebben meegedeeld. De verzekeringsinstelling zal bestendig rekening houden met elke wijziging in de samenstelling van het gezin van de voormelde gerechtigden. Aan de hand van de aldus bekomen gegevens, zal de toegekende vermindering van het bijdragebedrag opnieuw worden onderzocht en eventueel worden ingetrokken de eerste dag van het tweede kwartaal na dat waarin ÚÚn van de wijzigingen heeft plaatsgehad.
01/10/2014 Hetgeen is bepaald in de artikelen 21 en 25 van het voornoemde koninklijk besluit van 15 januari 2014 in verband met de verhoging van het grensbedrag en de inkomens waarmee rekening moet worden gehouden is eveneens van toepassing op de vaststelling van de grensbedragen en de inkomens waarmee voor de toepassing van dit artikel rekening moet worden gehouden.
01/01/2018 De in artikel 32, eerste lid, 15░ van de geco÷rdineerde wet bedoelde gerechtigde, die recht heeft op de verhoogde verzekeringstegemoetkoming bedoeld in artikel 37, ž 19, van de wet, is vrijgesteld van bijdragebetaling. De voormelde gerechtigde geniet deze vrijstelling van bijdragebetaling zolang hij van de verhoogde verzekeringstegemoetkoming geniet. De bijdragebetaling wordt geschorst voor de gerechtigde die, overeenkomstig artikel 19 van de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering, geplaatst is in een verzorgingsinstelling, met uitzondering van de inrichtingen zoals bedoeld in artikel 3, 4░, a), b) en c) van dezelfde wet.
01/01/2002 Het bedrag van de in dit artikel bepaalde bijdragen is gekoppeld aan het indexcijfer 104,06 (basis 1996= 100) van de consumptieprijzen bereikt op 31 oktober 1999. Het wordt op 1 januari van elk jaar aangepast aan de hoegrootheid van het op 31 oktober van het voorgaande jaar bereikte indexcijfer van de consumptieprijzen.

Art. 135.

FR   NL   [Weergave voor afdruk]