11  Toegangsweg

11.1 Inleiding

Dit hoofdstuk behandelt de toegangsweg die wordt gehanteerd bij de uitvoering van complexe chirurgische ingrepen. In grote lijnen wordt een onderscheid gemaakt tussen een open techniek en een minimaal invasieve benadering.

Er zijn twee databronnen beschikbaar waarmee kan worden achterhaald welke van deze benaderingen tijdens de interventie is toegepast:

  • Facturatiegegevens: In de gegevensbron IMPLANT zijn codes voorhanden die voor een het gebruikte materiaal tijdens een chirurgische ingreep honoreren. Deze codes maken een onderscheid tussen het materiaal dat is gebruikt binnen het kader van een ‘open’, dan wel een ‘minimaal invasieve’ ingreep. Voor een lijst met deze codes, klik Implants.
Implants
Organ Nomen Code Descr FR Descr NL Approach
Oesophagus 155212 MAT.IMPL.228012ENDO GEB+IMP.MA228012ENDO ENDO
Oesophagus 155223 MAT.IMPL.228012ENDO GEB+IMP.MA228012ENDO ENDO
Oesophagus 155234 MA.CONS+IMP228012OUV GEB+IMP.MA228012OPEN OPEN
Oesophagus 155245 MA.CONS+IMP228012OUV GEB+IMP.MA228012OPEN OPEN
Oesophagus 155256 MA.CONS+IMP228233OUV GEB+IMP.MA228233OPEN ENDO
Oesophagus 155260 MA.CONS+IMP228233OUV GEB+IMP.MA228233OPEN ENDO
Oesophagus 155271 MA.CON+IMP228233ENDO GEB+IMP.MA228233ENDO OPEN
Oesophagus 155282 MA.CON+IMP228233ENDO GEB+IMP.MA228233ENDO OPEN
Oesophagus 155293 MA.CON+IMP228174ENDO GEB+IMP.MA228174ENDO ENDO
Oesophagus 155304 MA.CON+IMP228174ENDO GEB+IMP.MA228174ENDO ENDO
Oesophagus 155315 MA.CONS+IMP228174OUV GEB+IMP.MA228174OPEN OPEN
Oesophagus 155326 MA.CONS+IMP228174OUV GEB+IMP.MA228174OPEN OPEN
Oesophagus 155330 MA.CON+IMP228255ENDO GEB+IMP.MA228255ENDO ENDO
Oesophagus 155341 MA.CON+IMP228255ENDO GEB+IMP.MA228255ENDO ENDO
Oesophagus 155352 MA.CON+IMP228255OUV GEB+IMP.MA228255OPEN OPEN
Oesophagus 155363 MA.CON+IMP228255OUV GEB+IMP.MA228255OPEN OPEN
  • ICD-10-BE code: Per verblijf wordt opgezocht in de procedures of een ingreep open ….0.., dan wel minimaal invasief ….[3|4|7|8]..1 is. Voor de slokdarmingrepen wordt in dit verband enkel gezocht binnen procedurecodes 0D.[1|2|3|4|5]..2. Aandacht wordt enkel besteed in zoverre de ingreep een excisie of een resectie is ..[B|T]….. Louter diagnostische procedures ……X worden geweerd.

Uit de ICD-10-BE codes (MZG) kan men ook afleiden of de ingreep plaatsvond via robotchirurgie: 8E0W.CZ.

Tabel 11.1 geeft een overzicht van het aantal complexe slokdarmingrepen die inde periode van 2016-2021 zijn uitgevoerd, volgens de ICD-10-BE codering. Hierbij wordt de type benadering gemeld (open of minimaal invasief). Tussen haakjes wordt ook vermeld welk percentage met robotchirurgie werd uitgevoerd.

Tabel 11.1: Surgery Approach - number of cases (% robot) (2019S2-2021S2)
Approach Oesophagus
Natural or Artificial Opening Endoscopic 2 (0.00%)
Open 681 (1.03%)
Percutaneous Endoscopic 319 (8.46%)
Source: ICD10 2019-21

Er zijn twee codes die de techniek van de interventie domineren: Open (….0..) en Percutaneous Endoscopic (….4..). Voor het vervolg van dit hoofdstuk zal worden gewerkt met het onderscheid open of niet open (en dus endoscopisch).

11.2 Databronnen en -kwaliteit

In Tabel 11.2 wordt getoond in hoeverre de twee databronnen (ICD-10-BE code/MZG versus facturatiegegevens) overeenkomen in het aangeven of een ingreep in complexe chirurgie open of minimaal invasief verloopt.’App_IMP’ zijn de facturatiegegevens en ‘App_PCD’ zijn de ICD-10-BE procedurecodes (MZG). In het geval van overeenkomst, wordt besloten tot concordantie, in het geval van tegenspraak wordt besloten tot discordantie. Merk op dat in het geval van discordantie de facturatiegevens veel vaker een endoscopische ingreep aangeven, terwijl de MZG de open aanpak aangeven. Merk op dat alleen verblijven zijn weerhouden waarin slechts één aanrekening binnen het kader van complexe churirgie is teruggevonden3.

In sommige gevallen is in één van de twee databronnen (of beide) geen aanwijzing van de toegangsweg aangegeven, in dat geval wordt besloten tot Missing_FCT (geen aanwijzing in facturatiegegevens), Missing_ICD10 (geen aanwijzing via MZG) en Missing_both (in beide databronnen is geen aanwijzing terug te vinden).

Tabel 11.2: Open vs endoscopic approach: Con/Discorandance between data sources (2019S2-2021S2)
Evaluation App_IMP App_PCD n %
Concordant endo endo 268 26.02%
Concordant open open 338 32.82%
Discordant endo open 286 27.77%
Discordant open endo 35 3.40%
Missing_FCT endo 10 0.97%
Missing_FCT open 46 4.47%
Missing_ICD10 endo 15 1.46%
Missing_ICD10 open 27 2.62%
Missing_both 5 0.49%
Source: ADH/SHA+ICD10 2019-21

In bijna twee derde van de gevallen is er een overeenkomst vast te stellen tussen de toegepaste chirurgische techniek zoals gerapporteerd in de facturatiegegevens enerzijds, en de codering volgens ICD-10-BE anderzijds. In ongeveer één derde van de gevallen is er sprake van een discrepantie, waarbij – zoals eerder aangehaald – een duidelijke oververtegenwoordiging van endoscopische technieken in de facturatiegegevens wordt vastgesteld. In een beperkt aantal gevallen ontbreken gegevens aan één of beide zijden.

Deze vaststelling wijst op mogelijke beperkingen in de datakwaliteit en vormt een belangrijke waarschuwing. De hiernavolgende analyses, evenals andere evaluaties binnen het kader van ziekenhuis- of gezondheidsaudits, dienen dan ook met het nodige voorbehoud te worden geïnterpreteerd.

De Figuur 11.1 geeft aan in welke mate ziekenhuizen onderling verschillen wat betreft het percentage concordantie tussen de gebruikte chirurgische techniek volgens de facturatiegegevens enerzijds en de codering volgens ICD-10-BE anderzijds. Deze onderlinge verschillen zijn aanzienlijk, met concordantiepercentages die variëren van circa 16% tot 75%.

Figuur 11.1: Open vs endoscopic approach: Con/Discorandance between data sources, per HCI (2019S2-2021S2)
Source: ADH/SHA+ICD10 2019-2021

11.3 Evolutie chirurgische techniek

11.3.1 Op basis van facturatiegegevens

Afgaande op de facturatiegegevens, wordt 48% van de slokdarm-interventies als open chirurgie uitgevoerd.

Volgens Figuur 11.2 daalt het aandeel open chirurgie doorheen de tijd. Deze daling is significant op p=0.03654.

Figuur 11.2: Surgery Approach - Evolution of open surgery (2016S2-2021S2)
Source: ADH/SHA 2016-2021

11.3.2 Op basis van ICD-10-BE codering (MZG)

De resultaten op basis van de ICD-10-BE zijn verschillend in vergelijking met de resultaten op basis van de facturatiegegevens. Het aandeel open chirurgie ligt hier gemiddeld hoger dan op basis van facturatiegegevens, de daling doorheen de tijd wordt hier ook bevestigd, maar het effect is niet significant (p=0.0467).

De zichtbare stijging op Figuur 11.3 voor robotchirurgie bij complexe slokdarmchirurgie statistisch significant (p=0.0001).

Figuur 11.3: Surgery Approach - Evolution of open & Robot surgery 2016-21
source: ICD10 2016-2021

11.4 Verschillen tussen de ziekenhuizen

De analyse van de evolutie in chirurgische technieken – stijgend of dalend gebruik – maskeert het aanzienlijke verschil dat tussen ziekenhuizen kan worden vastgesteld. In de volgende analyses wordt gewerkt met alle ziekenhuizen die deelnemen aan de overeenkomst. De beschouwde periode betreft de jaren 2020–2021.

11.4.1 Op basis van facturatiegegevens

Figuur 11.4 laat de aanzienlijke verschillen tussen de ziekenhuizen zien aangaande het aandeel open chirurgie (van quasi nooit tot bijna altijd).

Figuur 11.4: Open Approach - % per HCI (2019S2-2021S2)
Source: ADH/SHA 2019-2021

11.4.2 Op basis van ICD-10-BE codering (MZG)

Zeer gelijkaardige resultaten tekenen zich af indien de analyse gebeurt op basis van ICD-10-BE codering. De tweede tab (“Robot”) laat zien dat het toepassen van robotchirurgie door een klein aantal ziekenhuizen wordt gerapporteerd.

Figuur 11.5: Open Approach - % per HCI (2019S2-2021S2)
Source: ICD10 2019-2021
Figuur 11.6: Robot Approach - % per HCI (2019S2-2021S2)
Source: ICD10 2019-2021

11.4.3 Facturatiegegevens vs MZG

De positie van individuele ziekenhuizen met betrekking tot het aandeel open chirurgie blijkt sterk afhankelijk van de gegevensbron die wordt aangewend voor de analyse.De Figuur 11.7 toont op de x-as de positie van elk ziekenhuis op basis van gegevens uit het MZG, terwijl de y-as dezelfde ziekenhuizen positioneert op basis van facturatiegegevens.Voor slokdarmchirurgie blijkt dat de resultaten voor bepaalde ziekenhuizen aanzienlijk variëren afhankelijk van de gebruikte databron. Opmerkelijk is dat (quasi) alle ziekenhuizen zich onder de bissectrice (diagonaal) bevinden, wat erop wijst dat het aandeel open chirurgie systematisch lager wordt ingeschat wanneer facturatiegegevens worden gebruikt, in vergelijking met de MZG-registratie.

Figuur 11.7: Open Approach - % per HCI (2019S2-2021S2)
Source: ADH/SHA+ICD10 2019-21

11.4.4 Observaties met betrekking tot chirurgische teschnieken

  • Datakwaliteit als kritische factor
    De betrouwbaarheid van ziekenhuisanalyses wordt sterk beïnvloed door de kwaliteit van de onderliggende gegevens. Het onderscheid tussen open en minimaal invasieve chirurgie is niet altijd consistent tussen facturatiegegevens en MZG-registratie (ICD-10-BE), wat aanleiding geeft tot interpretatieverschillen.

  • Mogelijke trend richting minder open chirurgie
    De gegevens suggereren een relatieve afname van het aandeel open chirurgische ingrepen, al dient deze vaststelling met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd gezien de eerder genoemde datakwaliteitsproblemen.

  • Opkomst van robotchirurgie
    Vanaf de periode 2019–2020 zijn de eerste signalen van rapportering van robotgeassisteerde chirurgie zichtbaar in de gegevens. Verdere opvolging is nodig om de impact en verspreiding van deze techniek in kaart te brengen.


  1. 3: Percutaneous, 4: Percutaneous Endoscopic, 7: Natural or Artificial Opening of 8: Natural or Artificial Opening Endoscopic↩︎

  2. 1: Upper Esophagus, 2: Middle Esophagus, 3: Lower Esophagus, 4: Esophagogastric Junction, 5: Esophagus↩︎

  3. De koppeling maken tussen facturatie en ICD10 op het niveau van een individueel verblijf is te moeilijk indien er meerdere ingrepen tijdens hetzelfde verblijf zijn geweest↩︎

  4. Aangezien er een sterke mate van clustering optreed op het niveau van de ziekenhuizen, is er geopteerd om de analyse uit te voeren met de ziekenhuizen als clustervariabele, dit heeft als gevolg dat de standaardfouten bij de schattingen doorgaans (sterk) kunnen toenemen.↩︎