Een aanvullende uitkering voor werknemers die arbeidsongeschikt worden tijdens de COVID-19-periode

Bent u een werknemer die tijdens de COVID-19-periode arbeidsongeschikt erkend is? Dan hebt u misschien recht op een aanvullende uitkering tijdens uw primaire ongeschiktheid (arbeidsongeschiktheid sinds minder dan 1 jaar).

Die tijdelijke maatregel vloeit voort uit maatregelen die in de sector werkloosheid zijn genomen wegens de COVID-19-crisis. Het doel daarvan is de tijdelijke werkloosheidsuitkeringen gedurende een beperkte periode te verhogen.


Hebt u recht op de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering?

U ontvangt een aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering tijdens uw primaire ongeschiktheid als u al de volgende voorwaarden vervult:

  • U bent ten vroegste vanaf 1 maart 2020 (niet voordien) arbeidsongeschikt erkend.
  • U bent verbonden door een arbeidsovereenkomst of gelijkgesteld.
  • Uw dagelijks brutoloon is lager dan 135,6590 EUR (132,9990 EUR tot en met 31 augustus 2021) (als u bv. een vast maandloon ontvangt, dan zal uw maandelijks brutoloon worden gedeeld door 26).

Hoeveel bedraagt de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering?

Het dagbedrag van uw primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt 60 % van uw dagelijks brutoloon (als u bv. een vast maandloon ontvangt, dan zal uw maandelijks brutoloon worden gedeeld door 26).

Het dagbedrag van uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering wordt vastgesteld op 10 % van uw bruto dagloon, en het resultaat verhoogt vervolgens met 5,74 EUR  (5,63 EUR tot en met 31 augustus 2021).

Maximaal totaalbedrag:
De som van uw primaire ongeschiktheidsuitkering en uw aanvullende uitkering zal geen 81,40 EUR (79,80 EUR tot en met 31 augustus 2021) per dag mogen overschrijden. Als dat het geval is, dan zal uw aanvullende uitkering dus worden beperkt.

Gewaarborgd minimaal totaalbedrag:
De som van uw primaire ongeschiktheidsuitkering en uw aanvullende uitkering zal niet lager mogen zijn dan 62,44 EUR (61,22 EUR tot en met 31 augustus 2021) per dag. Als dat het geval is, dan zal dat bedrag van 62,44 EUR u dus worden gewaarborgd via de toekenning van een hogere aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering.
Sinds 1 januari 2021 is echter een maatregel van begrenzing van toepassing. Wat betekent dit?
Dit betekent dat de som van uw primaire ongeschiktheidsuitkering en uw aanvullende uitkering uw bruto dagloon niet mag overschrijden. Als dat het geval is, dan zal uw aanvullende uitkering dus worden beperkt.

Voorbeelden (de onderstaande voorbeelden houden geen rekening met de waarborg van een minimumuitkering (vanaf 1 januari 2021) vanaf de 5de maand van primaire ongeschiktheid):

Voorbeeld 1:
Uw bruto dagloon bedraagt 100 EUR.
Uw primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt dus 60 EUR (60 % van uw bruto dagloon).
Uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt 15,74 EUR (10 % van 100 EUR = 10 EUR + 5,74 EUR).
U zal dus in totaal 75,74 EUR ontvangen (60 EUR + 15,74 EUR).

Voorbeeld 2:
Uw bruto dagloon bedraagt 120 EUR.
Uw primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt dus 72 EUR (60 % van uw bruto dagloon).
Uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering zou normaal 17,74 EUR bedragen (10 % van 120 EUR = 12 EUR + 5,74 EUR). Zij zal echter worden beperkt tot 9,40 EUR (81,40 EUR - 72 EUR) om niet het maximale totaalbedrag te overschrijden.
U zal dus in totaal 81,40 EUR ontvangen (72 euro + 9,40 EUR).

Voorbeeld 3:
Uw bruto dagloon bedraagt 75 EUR.
Uw primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt dus 45 EUR (60 % van uw bruto dagloon).
Uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering zou normaal 13,24 EUR bedragen (10 % van 75 EUR = 7,5 EUR + 5,74 EUR). Zij zal echter worden verhoogd tot 17,44 EUR (62,44 EUR - 45 EUR) om niet onder het gewaarborgde minimale totaalbedrag van 62,44 EUR te liggen.
U zal dus in totaal 62,44 EUR ontvangen (45 EUR + 17,44 EUR).

Voorbeeld 4:
Uw bruto dagloon bedraagt 50 EUR.
Uw primaire ongeschiktheidsuitkering bedraagt dus 30 EUR (60 % van uw bruto dagloon).
Uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering zou normaal 10,74 EUR bedragen (10 % van 50 EUR = 5 EUR + 5,74 EUR).
Het gewaarborgd minimaal totaalbedrag van 62,44 EUR is niet van toepassing omdat dit bedrag van 62,44 EUR uw bruto dagloon van 50 EUR overschrijdt. Uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering wordt slechts verhoogd tot 20 EUR omdat de som van uw primaire ongeschiktheidsuitkering en uw aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering uw bruto dagloon niet mag overschrijden (50 EUR = 30 EUR + 20 EUR).

Let op: bedrijfsvoorheffing!
Uw ziekenfonds zal nog een voorheffing (in principe 11,11 %) inhouden op het dagbedrag van aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering.

Wanneer is de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering van toepassing?

U hebt recht op de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering voor de periode van uw primaire arbeidsongeschiktheid die zich bevindt in het tijdvak vanaf 1 maart 2020 tot en met 30 september 2021.

Wanneer zal u de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkering ontvangen?

Uw ziekenfonds zal de aanvullende primaire ongeschiktheidsuitkeringen telkens samen met uw primaire ongeschiktheidsuitkeringen betalen.

 

Vragen?

  • Voor elke vraag over uw persoonlijke situatie: contacteer uw ziekenfonds.
  • Voor een algemene vraag over de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen: Reglemsidu@riziv-inami.fgov.be
  • Voor elke andere vraag verbonden met de COVID-19-crisis: www.info-coronavirus.be of 0800 14 689 van 9u tot 17u.
 

Laatst aangepast op 14 september 2021