Moederschapsrust voor zelfstandigen

Bent u zwanger?  Als zelfstandige (of meewerkende echtgenote) kan uw ziekenfonds u tijdens uw moederschapsrust een uitkering geven.


Hebt u recht op moederschapsrust?


U hebt er recht op als:
  • u voldoet aan dezelfde voorwaarden als die voor uitkeringen in het kader van de arbeidsongeschiktheid 
  • u tijdens de weken waarin u voor de volledige moederschapsrust kiest, alle activiteiten volledig stopzet
  • u tijdens de weken waarin u voor de halftijdse moederschapsrust kiest:
    • uw gewone beroepsactiviteiten als zelfstandige maximaal halftijds uitoefent
    • en geen enkele andere beroepsactiviteit uitoefent.



Wat moet u doen om recht te hebben op moederschapsrust?

1. Vul een aanvraagformulier (te krijgen bij uw ziekenfonds) in met de volgende informatie:

  • de voorziene bevallingsdatum
  • eventueel de vermelding dat een meergeboorte wordt verwacht
  • het aantal weken facultatieve rust dat u wilt opnemen en de precieze periodes waarin u die wilt opnemen.

Nadat u uw aanvraag bij het ziekenfonds hebt ingediend, kunt u zo nodig nog altijd het aantal weken facultatieve rust dat u wilt opnemen wijzigen en/of ook de periode waarin u die wilt opnemen. U moet uw ziekenfonds hier echter vooraf van op de hoogte brengen.

2. Voeg bij uw aanvraag:

  • een medisch getuigschrift met daarop de voorziene bevallingsdatum
  • en of een meergeboorte wordt verwacht.

3. Na de geboorte van uw kind bezorgt u het ziekenfonds een uittreksel van de geboorteakte of een medisch getuigschrift dat de geboorte bevestigt.

Wat is het bedrag van uw moederschapsuitkering?

De moederschapsuitkering is een forfaitair bedrag dat per week wordt betaald.

Dit bedrag is gekoppeld aan de index (het stijgt als de sociale uitkeringen worden geïndexeerd).

Bedrag van de moederschapsuitkeringen

Hoelang duurt de moederschapsrust?

De periode van moederschapsrust bestaat uit:

  • een verplicht deel
  • een facultatief deel

Het verplichte deel telt 3 weken waarin u alle activiteiten volledig moet stopzetten:

  • 1 week (7 dagen) prenatale rust: de week die voorafgaat aan de voorziene bevallingsdatum
  • 2 weken postnatale rust die volgen op de bevalling.

Voorbeeld:

Uw bevalling is gepland voor maandag 23 januari.

De 3 verplichte weken moederschapsrust komen overeen met de volgende periode:

  • van maandag 16 tot en met zondag 22 januari (verplichte week vóór de voorziene bevallingsdatum)
  • van maandag 23 januari tot en met zondag 5 februari (de 2 weken na uw bevalling).

Het facultatieve deel telt 9 weken (of 10 weken in het geval van een meergeboorte), die u vóór of na uw bevalling kunt opnemen.

U kunt beslissen om één of meerdere van deze weken van facultatieve rust halftijds op te nemen.
Een week van facultatieve volledige rust is gelijk aan twee weken van facultatieve halftijdse rust. U hebt dus recht op maximum 18 weken van facultatieve halftijdse rust (of 20 weken in het geval van een meergeboorte).

U kunt uw prenatale moederschapsrust ten vroegste vanaf de 3e week vóór de voorziene bevallingsdatum beginnen opnemen. U kunt dus 2 weken facultatieve prenatale moederschapsrust opnemen.

Na de bevalling kunt u de facultatieve weken opnemen die u vóór de bevalling niet had opgenomen, per periodes van 7 kalenderdagen, ten laatste tot de 36e week na de 2 weken verplichte postnatale moederschapsrust, of – met andere woorden – tot de 38e week vanaf de datum van uw bevalling.

De facultatieve postnatale moederschapsrust moet u dus niet noodzakelijk gedurende een ononderbroken periode opnemen, maar mag u onderbreken met periodes van werkhervatting.

U hebt 2 mogelijkheden:

  • U neemt de 9 weken (of 10 weken in het geval van een meergeboorte) na de 2 weken na uw bevalling op.

Voorbeeld:

Uw bevalling is gepland voor maandag 23 januari.

U neemt de 9 facultatieve weken onmiddellijk na uw verplichte moederschapsrust, dus van maandag 6 februari tot en met zondag 9 april (eventueel nog verlengd met 1 week in het geval van een meergeboorte).

  • U neemt 1 of 2 weken (maximaal) vóór de verplichte week die voorafgaat aan de voorziene bevallingsdatum en u neemt vervolgens 7 of maximaal 8 weken na de 2 verplichte weken na uw bevalling.

Voorbeeld:

Uw bevalling is gepland voor maandag 23 januari.

U kunt de 9 facultatieve weken nemen, zoals u wenst:

  • 1 week facultatieve prenatale rust van maandag 9 januari tot zondag 15 januari en maximaal 8 weken facultatieve postnatale rust van maandag 6 februari tot zondag 2 april (eventueel nog verlengd met 1 week in het geval van een meergeboorte)
  • 2 weken facultatieve prenatale rust van maandag 2 januari tot zondag 15 januari en maximaal 7 weken facultatieve postnatale rust van maandag 6 februari tot zondag 26 maart (eventueel nog verlengd met 1 week in het geval van een meergeboorte)



Hoelang duurt uw moederschapsrust als u bevalt vóór de geplande bevallingsdatum?

Voorbeeld:

Uw bevalling is gepland voor maandag 23 januari.

Uw moederschapsrust moet ten laatste op maandag 16 januari beginnen (verplichte week vóór de voorziene bevallingsdatum).

Maar u bevalt vóór de voorziene datum: op donderdag 19 januari.

U verliest niet de 4 dagen die u nog mocht opnemen. Deze dagen worden toegevoegd aan de 2 verplichte weken na de bevalling, zodat u kunt genieten van een ononderbroken rustperiode van minstens 3 weken. U kunt ook nog het saldo van 12 weken opnemen (13 weken in het geval van een meergeboorte).

 

Januari/februari  2017

Maandag

Dinsdag

Woensdag

Donderdag

Vrijdag

Zaterdag

Zondag

Verplichte
week
vóór de
geplande
bevallingsdatum

16

17

18

19
Werkelijke
bevallingsdatum

20

21

22

 

23
Geplande
bevallingsdatum

24

25

26

27

28

29

 

30

31

1
Einde
van de
verplichte
rustperiode

2
→ Mogelijke opname
van de 4 dagen
en het saldo van
12 weken
(of 13 weken bij
een meergeboorte)

 

 

Hoelang duurt uw moederschapsrust als u bevalt na de geplande bevallingsdatum?

In dit geval wordt de prenatale rust verlengd tot uw bevalling.

De maximumduur (verplichte en facultatieve rust inbegrepen) van de moederschapsrust van 12 weken (13 weken in het geval van een meergeboorte) wordt echter niet verlengd met het aantal dagen die zijn verstreken tussen de geplande bevallingsdatum en de werkelijke bevallingsdatum.
U bent verplicht om te rusten tijdens de eerste 2 weken na de bevalling, zelfs als u al meer dan 1 week rust hebt opgenomen vóór de bevalling.

Als het verschil tussen de geplande datum en de werkelijke datum van uw bevalling minder is dan 1 week, dan moet u het saldo van de dagen van deze week echter opnemen na de 2 weken verplichte postnatale rust om recht te hebben op een moederschapsuitkering. U kunt ook nog het saldo van 12 weken opnemen (13 weken in het geval van een meergeboorte) die u niet vóór de bevalling had opgenomen.

Voorbeeld:
Uw bevalling is gepland voor maandag 23 januari.
Uw zwangerschapsrust moet ten laatste op maandag 16 januari beginnen (verplichte week vóór de voorziene bevallingsdatum).
Maar u bevalt na de geplande datum: op donderdag 26 januari.
 

Januari/februari 2017

Maandag

Dinsdag

Woensdag

Donderdag

Vrijdag

Zaterdag

Zondag

Verplichte
week
vóór de
geplande
bevallingsdatum

16

17

18

19

20

21

22

 

23
Geplande
datum

24

25

26
Bevalling

27

28

29

 

30

31

1

2

3

4

5

 

6

7

8
Einde
van de
verplichte
rustperiode

9
→ Mogelijke opname
van de 4 dagen en
het saldo van
12 weken die u niet
vóór de bevalling opnam
(of 13 weken bij een meergeboorte)

 

 
 

Hoelang duurt uw moederschapsrust als uw kind in het ziekenhuis moet blijven?

Uw kind moet na de bevalling in het ziekenhuis blijven voor een periode van meer dan 7 dagen (zonder dat het thuis is geweest).
In dit geval kunt u uw moederschapsrust verlengen met een duur gelijk aan de ononderbroken ziekenhuisopname van uw kind na deze eerste 7 dagen.
Deze weken van verlenging verbonden aan de ziekenhuisopname van uw kind kan u ook halftijds opnemen.
 
Voorbeeld:
 
U bevalt op 23 januari en uw kind blijft in het ziekenhuis opgenomen tot en met 19 februari (4 weken). U kunt uw moederschapsrust verlengen met een periode van 3 weken. Die verlenging gaat in op de 1e dag na de 2 weken verplichte postnatale rust, dus van 6 februari tot en met 26 februari.
 
Na die verlenging kunt u uw periode van facultatieve postnatale rust nog opnemen.
 
Wat moet u doen om die verlenging te krijgen?
 
Laat uw ziekenfonds binnen de 2 weken na de geboorte van uw kind weten hoeveel weken verlenging u wenst.

Overhandig het ziekenfonds een getuigschrift van het ziekenhuis waarin de duur van de ziekenhuisopname van uw kind vermeld staat.
 

Hervatting van uw beroepsactiviteit

Wanneer u uw beroepsactiviteit na uw moederschapsrust weer opneemt, dan moet u uw ziekenfonds daar binnen de 2 dagen over inlichten: vul het formulier ‘Kennisgeving van arbeidshervatting’ in, dat u bij uw ziekenfonds kunt krijgen.

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 19 januari 2017