‘Goedkoop voorschrijven’

De bedoeling van de maatregel ‘goedkoop voorschrijven’ is voorschrijvers aan te moedigen de goedkoopste geneesmiddelen voor te schrijven aan hun patiënten, zodat de overheid meer middelen overhoudt om te investeren in onder andere vernieuwing.


Welke geneesmiddelen vallen onder de definitie?

  • Geneesmiddelen waarvoor het referentieterugbetalingssysteem van toepassing is:
    • (op merknaam) voorgeschreven generische geneesmiddelen
    • (op merknaam) voorgeschreven originele geneesmiddelen waarvan de prijs gedaald is tot op het prijsniveau van de generiek (ook wel ‘referentiespecialiteiten zonder supplement voor de patiënt’ genoemd)

die bovendien behoren tot de groep van ‘goedkoopste’ geneesmiddelen, beschouwd per molecule voor eenzelfde sterkte (aantal mg) en per cluster van vergelijkbare verpakkingsgroottes.

Deze clusters van gelijkaardige verpakkingsgroottes zijn gedefinieerd door de verpakkingen als volgt te groeperen:

    • tussen 28 en 30 eenheden
    • tussen 31 en 60 eenheden
    • tussen 61 en 79 eenheden
    • tussen 80 en 90 eenheden
    • tussen 91 en 120 eenheden. 
  • geneesmiddelen voorgeschreven op stofnaam en afgeleverd in open officina
    Opmerking: De apotheker is al verplicht om in dat geval een ‘goedkoopste’ geneesmiddel af te leveren.
  • Biosimilaire geneesmiddelen (‘biosimilars’) en in prijs gedaalde (originele) biologische geneesmiddelen.
    Biosimilaire geneesmiddelen (‘biosimilars’) zijn kopieën van biologische geneesmiddelen waarvan het patent vervallen is. Ze zijn te vergelijken met generische geneesmiddelen, maar de werkzame bestanddelen zijn bij ‘biosimilars’ geen exacte kopie van het originele middel. Het resultaat is gelijkaardig.

Waar vindt u de informatie over de ‘goedkope geneesmiddelen’?

De informatie over de ‘goedkope geneesmiddelen’ vindt u:

Opmerking: De “goedkope” geneesmiddelen zijn aangeduid met het symbool.

  • op de website van het Belgisch centrum voor farmacotherapeutische informatie (BCFI) :
    • in het repertorium en in de prijsvergelijkingstabellen zijn de ‘goedkope geneesmiddelen’ aangeduid met het symbool
    • via een offline te gebruiken downloadversie voor PC
    • via het Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium voor het Elektronisch Medisch Dossier
  • in diverse applicaties voor Androïd smartphone en tablet of voor IOS iPhone en iPad die beschikbaar zijn via Google Play, in de App Store, enz. (door een opzoeking op ‘BCFI’ of ‘geneesmiddelenrepertorium’)

Opmerking:
De lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten die behoren tot de groep van de ‘goedkoopste geneesmiddelen’ wordt maandelijks bepaald.

Voorschrijfpercentages per discipline

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de voorschrijfpercentages per discipline:

Specialisatie %
Algemeen geneeskundigen 60%
Artsen-specialisten in inwendige geneeskunde, houder van de bijzondere
beroepstitel in de klinische hematologie
50%
Artsen-specialisten in inwendige geneeskunde, houder van de bijzondere
beroepstitel in de endocrino-diabetologie
38%
Artsen-specialisten in de acute geneeskunde 67%
Artsen-specialisten in medische oncologie 48%
Artsen-specialisten in de anesthesie-reanimatie 63%
Artsen-specialisten in de cardiologie 44%​
Artsen-specialisten in de heelkunde 56%
Artsen-specialisten in de neurochirurgie 66%
Artsen-specialisten in de dermato-venerologie 46%
Artsen-specialisten in de gastro-enterologie 56%
Artsen-specialisten in de gynaecologie-verloskunde 65%
Artsen-specialisten in de geriatrie 48%
Artsen-specialisten in de inwendige geneeskunde 49%
Artsen-specialisten in de neurologie 57%
Artsen-specialisten in de psychiatrie 61%
Artsen-specialisten in de neuropsychiatrie 62%
Artsen-specialisten in de oftalmologie 44%
Artsen-specialisten in de orthopedische heelkunde 46%
Artsen-specialisten in de otorhinolaryngologie 80%
Artsen-specialisten in de pediatrie 58%
Artsen-specialisten in de fysische geneeskunde en de revalidatie 58%
Artsen-specialisten in de pneumologie 43%
Artsen-specialisten in de radiotherapie 65%
Artsen-specialisten in de reumatologie 40%
Artsen-specialisten in de stomatologie 91%
Artsen-specialisten in de urologie 44%
Tandartsen 75%
Andere Artsen-specialisten 49%

Opmerking: Vanaf 1 januari 2017 verhoogde het voorschrijfpercentage voor de algemeen geneeskundigen al van 50 % naar 60 %. Vanaf 1 januari 2018 verhogen de voorschrijfpercentages voor de artsen-specialisten (met uitzondering van de gastro-enterologen).

Evaluatieprocedure

De evaluatieprocedure verloopt in 3 stappen:

  1. Feedbackcampagne:
    In de 1e trimester van 2015 ontvangen de voorschrijvers met een minimaal voorschrijfprofiel (d.i. 200 voorschriften als arts en 30 voorschriften als tandarts per periode van 6 maanden) feedback over hun ‘goedkoop’ voorschrijfgedrag in het 1e semester van 2014.

    Op basis van de Farmanetgegevens komt het individueel voorschrijfgedrag in kaart.
     
    Via de feedback krijgen de artsen en tandartsen zowel informatie over hun individueel voorschrijfgedrag (percentage ‘goedkope’ voorschriften) als over dat van de groep voorschrijvers waarvan ze deel uitmaken (bv. artsen van een bepaalde discipline). Op die manier kunnen zij hun eigen voorschrijfgedrag vergelijken met dat van collega’s.

  2. Kwalitatieve evaluatie:
    In juli 2015 zal een 1e kwalitatieve evaluatie gebeuren in overleg met de representatieve artsensyndicaten: hoe verloopt de doorstroming van de informatie over het statuut ‘goedkoop’ van een geneesmiddel en de nieuwe prijzen van geneesmiddelen naar artsen en tandartsen?

  3. Kwantitatieve evaluatie:
    In januari 2016 zal een 1e kwantitatieve evaluatie plaatsvinden op basis van de gegevens voor de 1e 8 maanden van 2015: zijn artsen en tandartsen erin geslaagd de quota te halen met de nieuwe definitie van ‘goedkoop voorschrijven’?

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 09 augustus 2018