Een nieuwe dienst in de apotheek voor chronische astmapatiënten: begeleidingsgesprekken voor goed gebruik van geneesmiddelen (GGG)

Sinds 1 oktober 2013 kunnen apothekers gepersonaliseerde begeleidingsgesprekken aanbieden aan chronische astmapatiënten om hen te helpen goed met astma om te gaan.  Het is ook mogelijk om die begeleidingsgesprekken op te starten op uw vraag of op vraag van de patiënt. Sinds 2017 heten die gesprekken ‘begeleidingsgesprekken voor goed gebruik van geneesmiddelen’ (GGG) en zijn er meer inclusiecriteria.


Nieuw in 2017:  van ‘begeleidingsgesprek nieuwe medicatie’ tot ‘begeleidingsgesprek voor goed gebruik van geneesmiddelen’ (GGG)

  1. De verstrekking ‘begeleidingsgesprek nieuwe medicatie’ (BNM) is gewijzigd naar ‘begeleidingsgesprek voor goed gebruik van geneesmiddelen’ (GGG). Dat gebeurde na de evaluatie uitgevoerd door de Universiteit Antwerpen, onder toezicht van een interuniversitaire adviesraad. De volgende maatregelen beantwoorden aan de aanbevelingen uit het evaluatierapport:
    • vormen van apothekers
    • informeren van patiënten en artsen
    • stimuleren van overleg en communicatie tussen apothekers en artsen
    • continue opvolging van het project.
  2. De ‘begeleidingsgesprekken voor goed gebruik van geneesmiddelen’ (GGG) zijn nu ook bedoeld voor de chronische astmapatiënten bij wie de astma onvoldoende onder controle is.

Voor welke patiënten is deze dienst bedoeld?

Chronische astmapatiënten die met het aanmaken van een dossier ‘voortgezette farmaceutische zorg’ in de apotheek hebben toegestemd:

  • aan wie voor de 1e keer een inhalatiecorticosteroïd (monopreparaat of combinatiepreparaat toegediend via doseeraërosol of drogepoederinhalator) werd voorgeschreven
  • die chronische inhalatiecorticosteroïden nemen en bij wie de astma onvoldoende onder controle is.  In dat geval is het nodig om te controleren of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
    • De patiënt heeft geen GGG gekregen gedurende de afgelopen 12 maanden.
    • De symptomen van astma traden op vóór de leeftijd van 50 jaar.
    • De controle over de astma is onvoldoende (wakker worden door astmaklachten of kortademigheid; herhaaldelijk gebruik van snelwerkende medicatie).

Waaruit bestaat de begeleiding?

De GGG-dienstverlening omvat het gestructureerd en gedocumenteerd verstrekken van informatie en het peilen naar de verwachtingen en ervaringen van de patiënt:

  • bij de start van de behandeling of bij een wijziging van de farmacologische klasse in het kader van een bestaande chronische aandoening
  • wanneer de patiënt nood heeft aan bijkomende gepersonaliseerde begeleiding
  • bij de aflevering van acute medicatie die een bijzondere opvolging vereist.

Voor astma bestaat de GGG-dienstverlening uit 2 individuele gesprekken:

  • een 1e informatiegesprek:
  • bij de start van de behandeling en in afspraak met de patiënt, bij voorkeur zo snel mogelijk na de aflevering van het inhalatiecorticosteroïd
  • in de loop van de behandeling van een astmapatiënt die chronische inhalatiecorticosteroïden neemt en bij wie de astma onvoldoende onder controle is.
  • een opvolggesprek bij de hernieuwing van de medicatie of na een overeengekomen afspraak met de patiënt, bij voorkeur 3 tot 6 weken na het 1e informatiegesprek.

De apotheker voert de 2 gesprekken in dezelfde apotheek.

Hoe worden deze gesprekken gevoerd?

De gesprekken worden gevoerd op basis van gevalideerde protocollen, beschreven in de  wijzigingsclausule 36 bij  de overeenkomst apothekers-verzekeringsinstellingen. De apothekers beschikken over een aantal ondersteunende tools die hen in staat stellen om een homogene kwaliteit en inhoud te garanderen. De informatie die ze verstrekken, wordt echter afgestemd op de specifieke kennis en behoeften van de individuele patiënt. Experten in de materie hebben alle bijlagen bij de wijzigingsclausule besproken en goedgekeurd; pneumologen en andere artsen en academici hebben er met hun klinische en methodologische expertise toe bijgedragen.
De apotheker stelt van elk gesprek een verslag op voor de patiënt. Een kopie hiervan wordt bewaard in het farmaceutisch dossier.

Na akkoord van de patiënt moet de apotheker de betrokken arts informeren over de diensten die hij aan zijn patiënt geeft en hem in het bijzonder feedback geven over de bevindingen van het gesprek.
Die communicatie gebeurt elektronisch via het patiëntendossier of medisch-farmaceutisch dossier, maar kan ook telefonisch gebeuren of per mail.
Een themafiche voor medisch-farmaceutisch overleg is beschikbaar en artsen en apothekers kunnen die gebruiken om lokaal overleg te organiseren. Dat overleg moet het contact bij GGG vergemakkelijken.

Hoeveel kost de begeleiding?

De apotheker ontvangt een specifiek honorarium van 20,44 EUR (BTW inbegrepen) per begeleidingsgesprek. De verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen vergoedt dat bedrag volledig. Voor de patiënt is deze dienst dus gratis. De verstrekking brengt geen bijkomende uitgaven voor ons met zich mee, aangezien ze het specifieke ‘honorarium 1e aflevering’ vervangt, dat afgeschaft is sinds 1 januari 2014.

Waarom een begeleidingsgesprek ?

De prestatie GGG past in het kader van een medisch-farmaceutische samenwerking die onontbeerlijk is voor het welslagen van de therapie. Deze prestatie wordt in eerste instantie voorbehouden voor astmapatiënten die een inhalatiecorticosteroïd moeten gebruiken.

Deze aandoening werd niet toevallig gekozen, want een betere behandeling van astma kan een aanzienlijke impact hebben op de levenskwaliteit van de patiënt en op de uitgaven voor de gezondheidszorg. Een Europese observatiestudie heeft niettemin aangetoond dat ongeveer één op twee astmapatiënten hun astma niet goed onder controle hebben. Dit is vaak het gevolg van:

  • een gebrekkige therapietrouw van de basisbehandeling
  • een verkeerde inhalatietechniek.

De begeleiding die de apotheker biedt, is complementair aan deze van de arts doordat hij diens raadgevingen en advies kan versterken en/of herhalen. Gedurende deze begeleiding zijn meerdere taken weggelegd voor de apotheker:

  • Motiveren van de patiënt om de medicatie correct in te nemen want :
    • de gunstige effecten van inhalatiecorticosteroïden zijn doorgaans pas na één of twee weken voelbaar
    • de behandeling moet worden verdergezet, zelfs als de patiënt geen hinder heeft van zijn aandoening
  • Aan de patiënt de nodige uitleg geven zodat deze de juiste inhalatietechniek leert toe te passen en voldoende tijd nemen om te tonen hoe het inhalatietoestel gebruikt moet worden
  • De patiënt informeren over zijn aandoening en over het belang van een gezonde levenswijze (stoppen met roken, beoefenen van sport, enz.)
  • Opvolgen van de naleving van de behandeling en, indien nodig, de arts op de hoogte houden van elke vaststelling die een aanpassing van de behandeling vergt
  • De patiënt advies geven om neveneffecten van de behandeling te voorkomen en hem gerust stellen over algemene neveneffecten.

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 08 mei 2017